Print This Post

Ruling - Vennootschapsbelasting - Belastbare grondslag in de Ven.B. - Aftrek voor risicokapitaal

700.444

Voorafgaande beslissing nr. 700.444 dd. 18.12.2007


  
Vennootschapsbelasting


  
Belastbare grondslag in de Ven.B.


  
Aftrek voor risicokapitaal

Samenvatting

Indien BVBA A dat wenst, kan zij geheel of gedeeltelijk verzaken aan de
aftrek voor risicokapitaal in de zin van artikel 205bis WIB 92. In dat geval
zal het niet opgeëiste deel van de aftrek voor risicokapitaal niet kunnen
worden overgedragen naar volgende jaren. Indien er voor een belastbaar
tijdperk geen of onvoldoende winst is, blijft artikel 205quinquies WIB 92
van toepassing op dat deel van de aftrek dat in ieder geval kon worden
overgedragen zonder de vrijwillige verzaking.

I. Voorwerp van de aanvraag

1. De aanvraag strekt ertoe te vernemen of de vennootschap BVBA A, van
toepassing vanaf 1 januari 2007, geheel of partieel kan verzaken aan de
aftrek voor risicokapitaal bij toepassing van artikel 205bis WIB 92.

II. Omschrijving van de verrichtingen

II.A. Beschrijving van de activiteit en de huidige
aandeelhoudersstructuur van de betrokken vennootschappen

2. De vennootschap B gevestigd in land M, heeft een dochteronderneming,
BVBA A, met fiscale residentie in België opgericht. Hiervan is B 100%
aandeelhouder. Beide vennootschappen behoren tot dezelfde groep.

3. BVBA A heeft twee zaakvoerders, waaronder één uit land M en één Belg
die zonder beperking van duur benoemd zijn. BVBA A is in het bezit van een
Belgische bankrekening en voert haar boekhouding volgens de Belgische
GAAP-regels. Zij is dus onderworpen aan de Belgische fiscale regels waardoor
zij verplicht is jaarlijks een Belgische aangifte in de
vennootschapsbelasting in te dienen. BVBA A geniet op dit moment van de
aftrek voor risicokapitaal.

4. BVBA A is opgericht met als hoofddoel het aanhouden van een
effectenportefeuille welke economisch ter dekking van de verplichtingen van
B dient. BVBA A bepaalt hierbij zelfstandig haar beleggingsbeleid. Daarnaast
koopt en verkoopt ze effecten en andere roerende waarden voor eigen
rekening. In het kader van bovenstaande verplichtingen is door BVBA A uit
voorzichtigheidsoverwegingen besloten haar volledig kapitaal te investeren
in een buitenlandse (weliswaar EU) staatsobligatie, met een vaste
couponrente per jaar.

5. BVBA A zal zich in de toekomst beperken tot bovengenoemde activiteiten
en is niet van plan om significante wijzigingen aan de aard van de
activiteiten aan te brengen.

6. Wat betreft het Belgisch boekhoudresultaat voor het boekjaar per 31
december 2006 kan gesteld worden dat dit hoofdzakelijk bestaat uit een
gerealiseerd verlies uit optieverrichtingen en uit rente verkregen op de
buitenlandse staatsobligatie. Het spreekt voor zich dat gebeurlijke latere
optieresultaten het boekhoudresultaat van BVBA A in latere boekjaren zullen
beïnvloeden.

II.B. Beschrijving van de voorgenomen verrichting

7. Overeenkomstig de nieuwe fiscale wetgeving die in land M van kracht
is, worden voorwaarden opgelegd met het oog op toepassing van de
vrijstelling voor inkomsten uit zogenaamde passieve deelnemingen. Opdat een
vrijstelling verkregen kan worden moet er met name sprake zijn van 10 %
effectieve belasting in hoofde van de dochter op het resultaat van de
dochter, weliswaar bepaald op basis van fiscale maatstaven in land M. In het
voorliggend geval wordt mogelijks niet voldaan aan de voorwaarden van de
vrijstelling waardoor de mogelijke (herwaarderings)meerwaarden op BVBA
A-aandelen in land M dus belast zouden worden in hoofde van B.

8. Inderdaad, in casu zorgt de aftrek voor risicokapitaal er mogelijks
voor dat niet voldaan kan worden aan de gezegde vereiste van 10 % effectieve
belasting op het resultaat van BVBA A bepaald naar maatstaven in land M, dus
middels een regelgeving waarin geen rekening wordt gehouden met de aftrek
voor risicokapitaal.

9. Een manier om aan de 10% effectieve belastingtest tegemoet te komen,
kan gevonden worden in een partiële verzaking aan de aftrek voor
risicokapitaal.

10. BVBA A zal het verzaakte gedeelte van de aftrek voor risicokapitaal
niet overdragen naar een later belastingjaar.

III. Motivering van de aanvraag

11. Artikel 205bis WIB 92 luidt als volgt:

Bij de bepaling van het belastbaar inkomen wordt de belastbare basis
verminderd met het overeenkomstig artikel 205quater vastgesteld bedrag. Deze
vermindering wordt “aftrek voor risicokapitaal” genoemd.

12. Zoals hoger vermeld, wordt overwogen om geheel of partieel te
verzaken aan de aftrek voor risicokapitaal teneinde te voldoen aan de 10 %
effectieve belastingtest en zo de vrijstelling in land M te bekomen.

13. In dit verband kan verwezen worden naar de parlementaire vraag van de
heer Luc Gustin (V&A, Kamer 2006-2007, 51/COM 1278, vraag nr 15066 Gustin)
gesteld tijdens een zitting van de Parlementaire Commissie Financiën en
Begroting. Op de vraag of de minister kan bevestigen dat een onderneming die
behoort tot een internationale groep, in bepaalde gevallen ? wellicht doelt
de vraagsteller op niet-Belgische fiscale regels, bv. buitenlandse CFC of
andere regelgeving - het recht heeft om aan de volledige aftrek voor
risicokapitaal te verzaken, heeft de Minister te kennen gegeven dat dit niet
verboden is. De minister antwoordt dat ?wanneer een vennootschap tijdens een
aanslagjaar geen aanspraak maakt op de aftrek voor risicokapitaal, dit niet
naar een later belastingjaar kan worden overgedragen.?

14. Het samen lezen van vraag en antwoord suggereert dat niet alleen een
volledige, maar ook een partiële verzaking van de aftrek voor risicokapitaal
mogelijk is. Toonaangevende rechtsleer bestaat in dezelfde zin.

15. Een (volledige) aftrek voor risicokapitaal is dus een recht (maar
geen verplichting). Het komt dus aan de belastingplichtige toe om al dan
niet volledig, dan wel slechts ten dele of zelfs geheel niet van dit recht
gebruik te maken.

16. De belastingplichtige kan bovendien zijn keuze om al dan niet geheel
van dit recht gebruik te maken, kenbaar maken door de bijlage bij de
aangifte vennootschapsbelasting navenant in te vullen.

17. Artikel 205septies WIB 92 stelt dat ?om het voordeel van de aftrek
voor risicokapitaal te rechtvaardigen, de vennootschap bij haar aangifte in
de vennootschapsbelasting een opgave moet voegen waarvan het model door de
Minister van Financiën of zijn afgevaardigde wordt vastgesteld, voor het
aanslagjaar waarvoor de aftrek wordt genoten?.

18. Concreet dient de belastingplichtige het formulier 275 C ?Aftrek voor
risicokapitaal? in te vullen en bij de aangifte in de
vennootschapsbelasting, met name aangifteformulier 275.1 toe te voegen,
alvorens aanspraak te maken op de aftrek voor risicokapitaal.

19. Het formulier 275 C omvat onder andere twee vakken. Enerzijds vak E:
?Bedrag van de aftrek voor risicokapitaal dat voor het aanslagjaar in
principe
aftrekbaar is? en anderzijds vak F: ?Bedrag van de aftrek voor
risicokapitaal dat voor het aanslagjaar werkelijk wordt afgetrokken?.

20. De aanvrager is de mening toegedaan dat het formulier en meer bepaald
vak F wijst op de mogelijkheid om vrij het bedrag aan aftrek voor
risicokapitaal te bepalen zonder evenwel de maximum toegelaten aftrek voor
risicokapitaal waarop de belastingplichtige aanspraak kan maken, te
overschrijden.

21. Op basis van het bovenstaande kan aldus aangenomen worden dat BVBA A
geheel of partieel kan verzaken aan de aftrek voor risicokapitaal bij
toepassing van artikel 205 WIB 92.

IV. Beslissing

22. Op grond van artikel 205bis WIB 92 wordt bij de bepaling van het
belastbaar inkomen de belastbare basis verminderd met het overeenkomstig
artikel 205quater vastgesteld bedrag. Deze vermindering wordt ?aftrek voor
risicokapitaal genoemd?.

23. Artikel 205quinquies WIB 92 bepaalt dat indien er voor een belastbaar
tijdperk geen of onvoldoende winst is om de aftrek voor risicokapitaal te
kunnen in mindering brengen, de voor dat belastbaar tijdperk niet verleende
vrijstelling achtereenvolgens wordt overgedragen op de winst van de zeven
volgende jaren.

24. De overdracht op de winst van de volgende jaren is beperkt tot het
geval waarin er voor een belastbaar tijdperk geen of onvoldoende winst is om
de aftrek voor risicokapitaal te kunnen in mindering brengen.

25. In geval van vrijwillige verzaking aan de aftrek voor risicokapitaal,
blijkt uit het antwoord van de heer Minister van Financiën, naar aanleiding
van een parlementaire vraag (Mondelinge vragen nr. 15064, 15065 en 15066 van
de heer Gustin, dd. 17.04.2007, Beknopt Verslag, Kamercommissie Financiën,
Com 1278, blz. 17-18), dat het niet gebruikte deel van de aftrek voor
risicokapitaal niet kan worden overgedragen naar een later belastingjaar.

26. Indien er voor een belastbaar tijdperk geen of onvoldoende winst is,
blijft artikel 205quinquies van toepassing op dat deel van de aftrek dat in
ieder geval kon worden overgedragen zonder de vrijwillige verzaking.

Gelet op wat voorafgaat wordt er beslist dat:

27. rekening houdend met het antwoord van de heer Minister van Financiën
op de hiervoor vermelde parlementaire vraag, BVBA A vanaf 1 januari 2007,
indien zij dat wenst, geheel of gedeeltelijk kan verzaken aan de aftrek voor
risicokapitaal in de zin van artikel 205bis WIB 92;

28. in dat geval zal het niet opgeëiste deel van de aftrek voor
risicokapitaal niet kunnen worden overgedragen naar volgende jaren. Indien
er voor een belastbaar tijdperk geen of onvoldoende winst is, blijft artikel
205quinquies WIB 92 van toepassing op dat deel van de aftrek dat in ieder
geval kon worden overgedragen zonder de vrijwillige verzaking.